nieuworganiseren.nu
Vredenburg 40
3511 BD Utrecht

Menu

‘Terug naar de kern, steeds weer’

Aan de term ‘maatschappelijk belang’ heeft Ruud Klarenbeek, bestuursvoorzitter van de JP van den Bent stichting, een broertje dood. “Het leidt af van datgene waar we hier mee bezig zijn.” Een gesprek over verantwoording, toezicht, bureaucratie en regels. “Verantwoording afleggen is delen, niet lijsten invullen.”

Ruud Klarenbeek is bestuursvoorzitter van de JP van den Bent stichting voor mensen met een (verstandelijke) beperking. De JP van den Bent heeft onder zijn leiding een reputatie opgebouwd van radicale vernieuwer als het gaat om de organisatie van zorg. Steekwoorden: ‘ondersteuning’, ‘relatie’ en ‘we doen het gewoon’. Het heeft ‘de JP’ geen windeieren gelegd: in de afgelopen tien jaar is deze zorginstelling hard gegroeid en is het financieel resultaat verveertienvoudigd, dwars door alle bezuinigingsronden en decentralisaties heen.

We hebben het over het maatschappelijk belang van de zorginstelling. Denkt u daar wel eens over na?

“Nou nee, eigenlijk niet. Want het leidt af. Wat wij doen hier is het ondersteunen van mensen bij hun leven. En we hebben ’t liever niet over dergelijke grote thema’s.”

Bedoelt u dat het maatschappelijk belang wat u betreft niet bestaat?

“Nee, ik vind het wel van belang, maar voor mij als bestuurder niet iets om me heel erg mee bezig te houden. Het is een gestold begrip, net als ‘organisatie’. En een organisatie is in mijn ogen niets anders dan een cumulatie van afspraken tussen mensen. Kenmerk van een afspraak is dat je je eraan houdt. Maar ook dat je hem moet veranderen als-ie niet blijkt te werken. Stel: wij gaan met z’n tweeën een boom planten. Jij graaft de kuil, ik houd de boom vast. Maar na even graven heb jij pijn in je rug en is het waarschijnlijk wijs om die afspraak te veranderen. Dat doen wij hier bij de JP heel vaak.

“In de institutionele wereld gebeurt dat niet. Daar wordt aan alle bedachte afspraken vastgehouden en dan krijg je ‘grootheden’. En voor je het weet gebruik je daarbij de term ‘maatschappelijk belang’. ‘Het maatschappelijk belang vraagt erom verantwoording af te leggen, met een accountantsverklaring…’ In plaats van het klein te houden.”

Hoe gaan jullie met regelgeving om?

“Neem bijvoorbeeld het “verplichte ARBO-preventieteam”. Dat vinden wij niets toevoegen, dus bedachten we een bypass: we hebben iedereen benoemd tot z’n eigen preventiemedewerker, haha. Wij hebben nu 2700 ARBO-preventiemedewerkers.”

Ik las dat jullie ook de ondernemingsraad willen gaan opheffen. Mag dat zomaar?

“Dat klopt. Ik geloof niet dat het zomaar mag, maar ook die vraag vind ik niet zo relevant. We zitten in de laatste fase en staan voor de vraag of we de OR formeel gaan wegzetten, of een soort slapende vorm geven. Ik heb overigens al jaren een prima relatie met de OR. Maar waar dient-ie voor? Uiteindelijk niet om mede-zeggenschap te organiseren, maar zeggenschap.”

En vanuit die gedachte gaat dus ook de cliëntenraad eraan?

“Zeker. Omdat wij alles op individueel niveau regelen, zie je dat ook daar het collectieve belang afneemt. Je komt niet vaak een groep mensen tegen die zegt: ‘Wij willen met z’n allen samen eten en dan willen we dat er zo en zo gekookt wordt.’ Ik zou me zoiets niet laten voorschrijven en onze cliënten dus ook niet.”

Maar de cliëntenraad wordt momenteel opnieuw geladen in Den Haag en Patiëntenfederatie Nederland heeft er grote plannen mee.

“Ja, ik weet het. Even vooropgesteld: mensen zijn overal van harte bij welkom. Laatst hadden we een verkoopgesprek met een zorgverzekeraar. Nou, daar zit dan ook iemand vanuit de cliëntenraad bij en die vond dat ongelooflijk interessant. Veel invloed had ze niet kunnen uitoefenen en een voor haar relevant onderwerp als zorgkwaliteit komt daar eigenlijk niet aan bod. Het punt is: wij regelen alles voor onze cliënten op individueel niveau. En onze medewerkers hebben alle gereedschappen in handen om die ondersteuning te kunnen verschaffen. Zo gauw er sprake is van collectieve inspraak, dan krijg je vertegenwoordigende organen – namens jou en namens mij – en dan gaat het plotseling over macht.”

Wat opvalt: jullie komen steeds weer weg met dit soort eigenzinnigheid. Alsof de powers that be denken: daar komt de JP, laten we eens kijken of we iets voor ze kunnen betekenen…

“Ja, we hebben een bepaalde positie bereikt en die benutten we ook. En dat maken we graag zichtbaar. Want iedereen ervaart die wet en regelgeving als een gevangenis, maar wij vragen ons heel hard af of die gevangenis wel bestaat. Wij komen er in ieder geval keer op keer achter dat dat niet zo is. Weet je: uiteindelijk is alles wat de Inspectie doet erop gericht om de zorg te verbeteren. Nou, daar ben ik hartstikke voor. Dus zeg ik: zet nou die verbetering op de voorgrond, in plaats van het systeem waarmee men dat meent te moeten regelen, controleren en verankeren in codes. Want zo organiseer je het gevang, in plaats van iedereen de kans te geven het zich eigen te maken.”

Even over die macht. Hoe is uw relatie met de raad van toezicht?

“Heel goed. Ik neem ze in al onze plannen mee. Maar inderdaad, het instituut RvT draait natuurlijk heel erg om de gezagsverhouding. Ook in hoe het wordt vormgegeven. Eerst een vergadering zonder de bestuurder, en dan mag-ie erbij komen zitten. Waarom kan dat niet allemaal in volle openheid? Onze RvT en ik beschouwen onszelf ondertussen heel erg als één team, waarin ieder zijn rol heeft. Dat is geweldig waardevol als iedereen ook echt die rol pakt, want iedereen spreekt vanuit een andere context als het goed is. Maar meer heb je niet nodig.”

Wat is dat ‘meer’ dan?

“Het machtsaspect, de ingebouwde achterdocht. En dan gaan we ook nog eens die poppenkast organiseren van eens in de drie jaar evaluatie, met als klap op de vuurpijl straks ook nog accreditatie. Terwijl ik steeds meer van mening ben: ‘Er ligt een bestuurlijke verantwoordelijkheid voor het integer functioneren van de raad van toezicht.’”

Jullie maken ook geen begroting…

“Inderdaad, wij werken volledig – wat wij noemen – vraaggericht. Overal waar vraag is naar onze manier van werken, proberen wij daaraan te voldoen. Bijna altijd kan dat, soms niet. Maar wij maken dus geen groeiplannen.”

Maar een RvT moet soms toch een kritische noot kunnen kraken?

“Nou, kritisch is ook weer zoiets van: ‘je moet er wat van vinden’. Ik heb veel liever sterke mensen in de RvT, die de juiste vragen stellen, vanuit hun kijk op deze organisatie en de rol die hij speelt in de maatschappij.”

Bent u zelf geaccrediteerd?

“Nee, dat was ik niet van plan. Weer een systeem…”

De gemeenten kopen nu bij jullie in en willen achteraf duidelijkheid over de rechtmatigheid van de geleverde zorg. Kunnen jullie dat wel leveren met die rapportage zonder cijfers?

“We hebben net met de accountant afgesproken dat er een dezer dagen een brief naar de gemeente gaat, waarin wij aankondigen dat we daar op dezelfde manier gaan rapporteren als we doen in ons jaarverslag. Dat is een heel interessant experiment. Veel gemeenten worstelen met het rechtmatigheidsvraagstuk. Maar wij zijn tot een aanpak gekomen die voor het aantonen van de rechtmatigheid heel simpel is. En juist ook vanuit de overheid is daar veel interesse voor.

“We hebben het ook organisatorisch heel anders aangepakt als het gaat om aanvragen van budget bij de gemeente. Net als bijna alle andere aspecten van onze bedrijfsvoering, zetten we ook dit niet weg in een specialisme. De medewerker die de ondersteuning verzorgt voor een bepaalde cliënt, is ook degene die naar de gemeente gaat. Al die gemeenten doen het anders, maar onze medewerkers weten donders goed hoe het systeem lokaal werkt. En wat het belangrijkste is: zij kennen hun cliënt en daar gaan ze helemaal voor. Dus zij gaan die gesprekken voeren.”

Slim. Wat doet u hier eigenlijk de hele dag?

“Ik ben heel erg de waakhond hiervan, want je maakt maar zo weer de verkeerde afweging. Ook met die hele decentralisatie was steeds weer de vraag: ‘waar zit de eenvoud?’ Steeds je afvragen waar al die bureaucratische rompslomp voor dient, en het dan ook oplossen. We hebben hier een paar mensen op kantoor zitten die inmiddels zeer deskundig zijn, omdat ze een enorme kennis over het systeem hebben opgebouwd. En als ik nu aan hen vraag: ‘Draait het een beetje bij ons?’ Dan zeggen ze: ‘We hebben’t wel aardig voor elkaar.’ Nou, dat vind ik dan geruststellend. We schijnen zo’n 90, 95 procent te doen van de omzet die we voor de decentralisatie deden. Nou, dan kunnen we dus door. Trouwens: als JP van den Bent houden wij al jaren heel veel geld over. Dus financieel hoeven we ons niet snel zorgen te maken.”

Er zijn instellingen waarbij dat anders is…

“Ja, soms krijgen we er ook commentaar over: ‘Dan heb je dat geld niet besteed aan de zorg’. Ik zeg dan: ‘Als iemand me ooit helder kan maken dat we tekort hebben geschoten in de ondersteuning van onze cliënten, dan moet-ie ons daar keihard op aanspreken.”

Laat een bericht achter







Ben jij al lid van de Bende van Hoe?

Nieuworganiseren.nu is sinds kort een coöperatie. Dat betekent dat jij lid kunt worden van ONS en samen met ons de wereld een beetje mooier kunt maken.

Wil je weten wat je kunt doen?

Word lid van de Bende van Hoe!

Send this to friend